Heeft u een AutoCAD vraag?

Voordat je een vraag plaatst altijd eerst even de zoek functie gebruiken!

Ga naar het onderwerp en stel uw vraag onderaan de pagina.

U kunt op vele manieren objecten uit uw tekening verwijderen en de weergave opschonen.

Niet-gebruikte definities, stijlen en objecten verwijderen
U kunt niet-gebruikte benoemde en onbenoemde objecten verwijderen met PURGE. Een aantal onbenoemde objecten die u kunt opschonen, zijn blokdefinities, bematingsstijlen, lagen, lijntypen en tekststijlen. Met PURGE kunt u ook geometrie met een nul-lengte en lege tekstobjecten verwijderen.

De weergave opschonen
U kunt puntmarkeringen (markeringen in de vorm van een plus) en losse pixels die uit bepaalde bewerkingen zijn geresulteerd, uit het weergavegebied verwijderen.

  • Gebruik REDRAW om puntmarkeringen te verwijderen.
  • Gebruik REGEN om losse pixels te verwijderen.


Procedure

Een object verwijderen

1. Klik op tabblad Home > paneel Modify > Erase.
2. Gebruik achter de prompt Select Objects een selectiemethode voor het selecteren van de objecten die u wilt verwijderen of voer een optie in.

  • Typ L (Last) om het laatst getekende object te verwijderen.
  • Typ p (Previous) om de laatste selectiegroep te wissen.
  • Typ all om alle objecten in de tekening te wissen.
  • Typ ? om een lijst met alle selectiemethoden weer te geven.

3. Druk op Enter om de opdracht te beëindigen.

Het laatst verwijderde object terugzetten

  • Typ oops achter de opdrachtprompt.

De objecten die het laatst zijn verwijderd met de opdrachten ERASE, BLOCK of WBLOCK worden teruggezet.

Objecten naar het Klembord knippen

1. Selecteer de objecten die u wilt knippen.
2. Klik op tabblad Home > paneel Utilities > Cut. Typ cutclip achter de opdrachtprompt. U kunt ook op Ctrl+X drukken.
De objecten kunnen nu in andere Windows-toepassingen worden geplakt.

Puntmarkeringen verwijderen

  • Klik op menu View > Redraw. Typ redrawall achter de opdrachtprompt.

Een ongebruikt lijntype verwijderen met Purge

1. Klik op tabblad Tools > paneel Drawing Utilities > Purge. Typ purge achter de opdrachtprompt.

In het dialoogvenster Purge wordt een structuurweergaveoverzicht van objecttypen weergegeven die items bevatten die kunnen worden opgeruimd.
2. Gebruik een van de volgende methoden om overbodige lijntypen te verwijderen:

  • Selecteer Linetypes om alle overbodige lijntypen te verwijderen.
  • Als u specifieke lijntypen wilt verwijderen, dubbelklikt u op Linetypes om het overzicht uit te breiden. Vervolgens selecteert u de te verwijderen lijntypen.

Als het item dat u wilt opruimen, niet wordt weergegeven in de lijst, selecteert u View Items You Cannot Purge.
3. Bij elk item in de lijst wordt u om een bevestiging gevraagd. Schakel de optie Confirm Each Item to Be Purged uit als u niet elke verwijdering wilt bevestigen.
4. Klik op Purge. Reageer op de vraag om bevestiging met Yes of No, of met Yes to All als meer dan één item is geselecteerd.
5. Klik op Close.

Geometrie met een nul-lengte en lege tekstobjecten verwijderen

1. Klik op tabblad Tools > paneel Drawing Utilities > Purge. Typ purge achter de opdrachtprompt.
Het dialoogvenster Purge wordt weergegeven.
2. Selecteer Purge zero-length geometry and empty text objects.
3. Klik op Purge.
4. Klik op Close.

Opdrachten

CUTCLIP
Hiermee worden geselecteerde objecten naar het klembord gekopieerd en uit de tekening verwijderd.

ERASE
Hiermee worden objecten uit een tekening verwijderd.

OOPS
Hiermee herstelt u gewiste objecten.

PURGE
Hiermee kunt u ongebruikte items, zoals blokdefinities en lagen, uit de tekening verwijderen.

REDRAW
Hiermee kunt u de weergave in het actieve venster bijwerken.

REDRAWALL
Hiermee kunt u de weergave in alle vensters vernieuwen.

REGEN
Hiermee kunt u de volledige tekening van het actieve venster opnieuw genereren.

UNDO
Hiermee maakt u het resultaat van opdrachten ongedaan.

SketchUp Pro - Stunt aanbieding