Heeft u een AutoCAD vraag?

Voordat je een vraag plaatst altijd eerst even de zoek functie gebruiken!

Ga naar het onderwerp en stel uw vraag onderaan de pagina.

ermee maakt u een lijst met criteria waaraan een object moet voldoen om te worden opgenomen in een selectiegroep.

Oproepmethoden
Opdrachtinvoer: 'filter voor transparant gebruik

Dialoogvenster Object Selection Filters



Filter Property List

Hier ziet u een lijst met de filtereigenschappen waaruit het actieve filter is opgebouwd. Het actieve filter is het filter dat u selecteert in het vak Current in het gedeelte Named Filters.

Select Filter
Hiermee voegt u filtereigenschappen toe aan het actieve filter.

Object Types and Logical Operators
Hier vindt u een overzicht van objecttypen waarop u een filter kunt toepassen en logische operatoren (AND, OR, XOR en NOT) voor het groeperen van filteruitdrukkingen.

Als u logische operatoren gebruikt, zorg er dan voor dat u ze paarsgewijs en op de juiste wijze in de filterlijst opneemt. Het aantal operanden dat u tussen een operatorpaar kunt plaatsen, is afhankelijk van de bewerking.




Met het volgende filter worden bijvoorbeeld alle cirkels geselecteerd, met uitzondering van cirkels met een radius groter dan of gelijk aan 1.0:

Object=Circle

**Begin NOT

Circle Radius>= 1.00

**End NOT
X, Y, Z Parameters

Hiermee definieert u extra filterparameters op basis van het object. Als u bijvoorbeeld de optie Line Start selecteert, kunt u de X-, Y- en Z-coördinaten invoeren waarop u een filter wilt toepassen.

Bij de filterparameters kunt u relationele operatoren zoals < (kleiner dan) en > (groter dan) gebruiken. Met het volgende filter worden bijvoorbeeld alle cirkels geselecteerd met hartpunten die groter zijn dan of gelijk zijn aan 1,1,0 en een radius die groter is dan of gelijk is aan 1:

Object=Circle

Cirkel X >= 1,0000 Y >= 1,0000 Z >= 0,0000

Circle Radius>= 1.0000

Select
Hiermee opent u een dialoogvenster met alle elementen van het aangegeven type in de tekening. Selecteer de elementen die u wilt filteren. Als u bijvoorbeeld het objecttype Color selecteert, wordt met Select een lijst met kleuren weergegeven die kunt instellen voor het filter.

Add to List
Hiermee voegt u de geselecteerde eigenschap onder Select Filter aan de filterlijst toe. Filtereigenschappen die u toevoegt aan het naamloze filter blijven beschikbaar tijdens de actieve werksessie, tenzij u de eigenschappen handmatig verwijdert.

Substitute
Hiermee vervangt u de in de lijst met filtereigenschappen geselecteerde eigenschap door een eigenschap die wordt weergegeven onder Select Filter.

Add Selected Object
Hiermee voegt u een geselecteerd object in de tekening toe aan de filterlijst.

Edit Item
Hiermee verplaatst u de geselecteerde filtereigenschap naar het vak Select Filter zodat u deze kunt bewerken. De geselecteerde filtereigenschap wordt nu vervangen door het bewerkte filter.

Delete
Hiermee verwijdert u een geselecteerde filtereigenschap van het actieve filter.

Clear List
Hiermee verwijdert u alle eigenschappen van het actieve filter.

Named Filters
Hier kunt u filters weergegeven, opslaan en verwijderen.

Current
In deze lijst ziet u de opgeslagen filters. Als u een filter selecteert, wordt dit het actieve filter. De benoemde filters en de lijst met eigenschappen zijn afkomstig uit het standaardbestand filter.nfl.

Save As
Hiermee slaat u een filter en de lijst met eigenschappen op. Het filter wordt opgeslagen in het bestand filter.nfl. De naam kan maximaal 18 tekens lang zijn.

Delete Current Filter List
Hiermee verwijdert u een filter en alle eigenschappen uit het standaardbestand.

Apply
Hiermee sluit u het dialoogvenster, waarna de prompt Select Objects wordt weergegeven. Via deze prompt kunt u een selectiegroep maken. Het actieve filter wordt gebruikt op de objecten die u selecteert.

SketchUp Pro - Stunt aanbieding