Heeft u een AutoCAD vraag?

Voordat je een vraag plaatst altijd eerst even de zoek functie gebruiken!

Ga naar het onderwerp en stel uw vraag onderaan de pagina.

Hiermee optimaliseert u tweedimensionale polylijnen en associatieve arceringen die zijn gemaakt in AutoCAD Release 13 of ouder.

Arceringen worden niet automatisch bijgewerkt wanneer een tekening die in een eerdere versie van het programma is gemaakt, in Release 14 of later wordt geopend. Het is mogelijk dat informatie over de rotatie van een arceringspatroon niet correct wordt bijgewerkt als u het UCS hebt gewijzigd nadat de arcering is gemaakt. Wanneer u arceringen bijwerkt met de opdracht CONVERT, is het raadzaam de optie Select te gebruiken om de resultaten te controleren.

Polylijnen hoeven meestal niet te worden bijgewerkt met de opdracht CONVERT. De systeemvariabele PLINETYPE bepaalt standaard dat polylijnen automatisch worden bijgewerkt wanneer u een oudere tekening opent. Het is mogelijk dat polylijnen in de oude indeling zijn gemaakt met een toepassing van een andere leverancier en dat deze voorkomen in een oudere tekening die als een blok is ingevoegd en vervolgens is opgesplitst.

Opmerking: Polylijnen met gekromde segmenten of spline-segmenten behouden altijd de oude indeling, evenals polylijnen met uitgebreide objectgegevens betreffende de hoekpunten. Bewerkingsopdrachten maken geen onderscheid tussen de twee indelingen.

Lijst met prompts
De volgende prompts worden weergegeven.
Enter type of objects to convert [Arcering/Polylijn/All] <All>: Typ h voor arceringen, p voor polylijnen of a voor beide

Arcering
Hiermee converteert u alle arceringen in de tekening.

Polylijn
Hiermee converteert u alle polylijnen in de tekening.

All
Hiermee converteert u alle polylijnen en arceringen in de tekening.

SketchUp Pro - Stunt aanbieding